Bijna helft van bedrijfsleningen naar mkb, rente ligt iets hoger
Daarover betalen deze bedrijven vaak wel een iets hogere rente dan andere ondernemingen.
In totaal hebben banken in Nederland per maart 2026 € 340 miljard uitgeleend aan het Nederlandse bedrijfsleven. Iets minder dan de helft daarvan staat uit bij het mkb en dat percentage is al langere tijd stabiel. Vooral in bedrijfstakken als de landbouw, horeca en bouwnijverheid zijn relatief veel midden- en kleinbedrijven actief.
Die bedrijfstakken met relatief veel mkb-bedrijven betalen vaak wel een iets hogere rente. Mogelijk komt dit bijvoorbeeld door de kleinere kredietomvang bij mkb’ers en een informatieachterstand die de banken ervaren bij mkb-bedrijven, waardoor het inschatten van risico’s moeilijker is. Het mkb betaalt gemiddeld zo’n 3,6% over hun uitstaande kredieten, terwijl dat voor niet-mkb-bedrijven in maart 2026 zo’n 3,1% bedroeg.
Groot deel van bankleningen gaat naar onroerend goed, handel en landbouw
Los van het onderscheid tussen het mkb en grootbedrijf verschilt de kredietverlening ook sterk tussen diverse bedrijfstakken. Zo'n € 149 miljard van de bancaire kredietverlening aan het Nederlandse bedrijfsleven is verstrekt aan ondernemingen die onroerend goed exploiteren. Het gaat dan vooral om woningbouwcorporaties. Nederland is daarin niet uniek: ook in andere eurolanden verstrekt de bankensector relatief veel krediet aan dit soort instellingen.
Daarnaast zijn in Nederland de groot- en detailhandel (€ 37 miljard) en de landbouw (€ 21 miljard) bedrijfstakken met veel leningen. Ook aan bedrijven werkzaam in de specialistische zakelijke diensten wordt veel krediet verleend (€ 32 miljard). Het gaat dan voornamelijk om hoofdkantoren van organisaties die een administratieve functie hebben of middelen (geld) herverdelen binnen de organisatie.
[....]